Afbeelding invoegen
ARTIKELEN VAN EN OVER JOZEF RULOF GEPUBLICEERD IN DE JAREN 1953 TOT 1958 UIT DE EUROPESE HERAUT EN ANDERE SCHRIJVERS.  WIJ HOPEN DAT HEEL VEEL BEZOEKERS DEZE ARTIKELEN LEZEN EN MOGEN  INZIEN DAT ER MAAR ÉÉN DING TELT: LIEFDE!!!!! DAT ER GEEN DOOD BESTAAT MAAR EEN EEUWIG VOORTGAAN. GEEF DEZE ARTIKELEN DOOR AAN IEDEREEN DIE ER VOOR OPEN STAAT,  AAN GENE ZIJDE ZAL MEN ER U DANKBAAR VOOR ZIJN. IS HET U ERNST MET DE LEER, WELKE DOOR JOZEF RULOF WERD GEBRACHT? WERK DAN MEE AAN DE VERBREIDING VAN DE BOEKEN EN ARTIKELEN VAN JOZEF RULOF: WEES EEN GODSGEZANT IN DE ,,EEUW VAN CHRISTUS''.                                                         WIE WAS JOZEF RULOF.
In 1898 werd in het plaatsje ’s-Heerenberg, in Gelderland, een jongetje geboren bij Katholieke Ouders. Deze gaven hem de naam Jeus. Reeds gedurende haar zwangerschap beleefde zijn vrome moeder Crisje – die, zonder het zelf te weten, mediamiek was, -- wonderlijke dingen. Maar niemand, ook de pastoor niet tot wie zij zich dikwijls wendde, kon haar hierover een verklaring geven. Toen Jeus het levenslicht had aanschouwd, gebeurden er weldra mysterieuze voorvallen in de eenvoudige arbeiderswoning te ’s-Heerenberg. De ouders van Jeus maakten zich ongerust over dit vreemde kind, maar aangezien hun jongen overigens zowel verstandelijk als lichamelijk volkomen normaal was, lieten zij hem maar zijn gang gaan.Jeus ging veel de natuur in en ofschoon hij steeds helemaal alleen was, beweerde hij, dat hij met andere kinderen op een weide had gespeeld. Hij had o.a. ook een grote vriend die hij ,,de Lange” noemde. Deze ,,Lange” leek erg op zijn vader, vertelde hij en haalde hem dikwijls af. Op 5 jarige leeftijd vertelde Jeus reeds aan zijn vrienden in het dorp: ,,as ik groot bun, gao ‘k boeke schrie’ve !”  

Wat dit wonderlijke knaapje allemaal heeft beleefd, kunt u lezen in de autobiografische trilogie ,,Jeus van Moeder Crisje” Jeus was op school geen goede leerling. Ofschoon hij bijzonder intelligent was, kon de leraar niet veel schoolkennis in zijn hoofd krijgen daar Jeus in gedachten liever door de natuur zwierf en aan zijn ,,Lange” dacht en aan zijn merkwaardige vriendjes met wie hij op de weide had gespeeld. Toen zijn vader vroegtijdig stierf en Jeus achter de lijkkoets aanliep waarin het stoffelijke overschot van ,,Lange Hendrik” was opgebaard, kreeg hij van zijn broers een standje omdat hij met zulk een grote stappen liep. Zij vonden dit oneerbiedig tegenover hun overleden vader die ook altijd zulke grote stappen had genomen. Jeus echter antwoordde, dat hij helemaal niet oneerbiedig wilde zijn en dat hij alleen zulke grote passen nam, om gelijk te blijven met zijn vader die op dat ogenblik naast hem liep! Reeds op zeer vroege leeftijd ging Jeus zelf de kost verdienen. Hij nam de plaats in van zijn overleden vader in huis. Jeus werkte in verschillende bedrijven, waaronder een borstelfabriek en een houtzagerij. Enige jaren later moest hij onder dienst, in welke tijd hij zijn eerste meisje leerde kennen. Zijn leven is dat van een gewone, onontwikkelde dorpsjongen alleen met dit verschil, dat hij van tijd tot tijd contact heeft met zijn ,,Lange” uit de geheimzinnige ,,andere” wereld. Jeus trekt later naar de stad en doet zo’n beetje van alles om aan de kost te komen. Zijn laatste werkkring was die van chauffeur in den Haag waar hij ook zijn echtgenote – een charmant Weens vrouwtje – leerde kennen, die hem later met al haar liefde zou steunen bij zijn grote taak. Als Jeus geestelijk volwassen is neemt ,,de Lange” hem onder handen. Het tot nog toe speelse contact is nu uit. Jeus leert begrijpen, dat hij voor zijn ,,Lange” een taak heeft te verrichten. ,,Er moeten lezingen worden gehouden en boeken worden geschreven. De mens moet leren aanvaarden dat er geen dood is en dat God zijn kinderen niet verdoemt! Bovendien moeten de Wetten van de Ruimte door jou worden vastgelegd!” zo spreekt ,,de Lange” tegen Jeus. ,,De Lange” is in werkelijkheid een Meester van de Ruimte en wordt aldaar Alcar genoemd. Meester Alcar is, volgens de beschrijving van Jeus, een grote statige man met een schoon, liefdevol gelaat.

Zijn gewaad, dat hij als een Romeins kleed om zich heen heeft gedrapeerd straalt een verblindend licht uit in allerlei prachtige kleuren. Jeus wijst er in zijn plat Gelders op, dat hij – Jeus – zo stom is als het achterend van ’n varke. ,,Hoe kunt u mij voor zulk werk gebruiken? Ik kan nauwelijks lezen of schrijven?!” En inderdaad heeft Jeus niet teveel beweerd. De schoolopleiding van Jeus is – om het zachtjes uit te drukken – onvoldoende. Bovendien kan Jeus alleen wat plat Gelders spreken. Een behoorlijk boek heeft hij nog nimmer in handen gehad, laat staan gelezen en toch is dit alles bijzaak. Meester Alcar wilde namelijk juist dat Jeus – die later als Jozef Rulof zo bekend zou worden – zuiver bleef van alle aardse kennis. Jeus zou alleen maar moeten ,,ontvangen” door Meester Alcar en andere Meesters van Gene Zijde die een taak hadden te verrichten. Hiervoor was het alleen nodig, om mediamiek open te staan voor dit wonder. Zelf denken en eigen kennis zouden het zuivere kanaal alleen kunnen verstoppen voor de Meesters der Ruimte. Jeus kreeg een machtige ,,opleiding” door zijn Meester Alcar. Voor deze opleiding zijn echter geen aardse middelen nodig. Integendeel. Meester Alcar verbiedt Jeus om te trachten zich aardse kennis eigen te maken. Het kanaal moet zuiver blijven en hoe ongerepter hij is van binnen, des te beter kunnen de Meesters zich door hem manifesteren. De opleiding geschiedt echter op andere – voor gewone stervelingen onbegrijpelijke – Wijze. Meester Alcar bevrijdt Jeus namelijk van zijn stoflichaam en laat hem uittreden. Als astraal lichaam wordt Jeus door Meester Alcar nu meegenomen naar andere werelden waar de mensen, na het beëindigen van hun aards leven, verder leven als geest. Jeus krijgt Kosmisch onderwijs en maakt de ene reis na de andere met zijn grote leider. Teruggekomen van deze reizen gaat Jeus telkens achter een schrijfmachine zitten en stelt zijn lichaam beschikbaar aan een Meester van Gene Zijde die door Jeus gaat schrijven. Zo ontstonden wonderbaarlijke werken over het ontstaan van het Heelal, krankzinnigheid, geestelijke gaven van de mens enz. enz.

Bovendien leerde Jeus ziekten genezen door hulp van zijn grote leider Alcar. Jeus mocht echter nooit de plaats innemen van een geneesheer maar mocht alleen helpen als medische hulp ontoereikend bleek of voor het vaststellen van de diagnose. Alsof dit nog niet genoeg was werd ook door Jeus geschilderd. Zowel Meester Alcar als verscheidene andere intelligentie's brachten door Jeus meesterlijke schilderijen tot stand, die door kunstkenners met verbazing werden aanschouwd. Binnen enkele uren werden grote doeken met de wonderlijkste bloemen – zoals wij die op aarde nog nimmer hebben gezien – beschilderd. Vele taferelen van Gene Zijde, Symbolieken en Zeeschilderijen kwamen tot stand. Jozef Rulof heeft enkele malen in het openbaar gedemonstreerd hoe zulk een schilderij tot stand kwam. In de grote zaal van Diligentia in Den Haag heeft hij, staande op ’t toneel, bloemstukken e.d. geschilderd in een tijd die voor elke aardse schilder, hoe bedreven ook, onmogelijk werd geacht. Alle schilderijen zijn tot in bijzonderheden uitgewerkt en van zulke prachtige kleuren dat men er niet op uitgekeken raakt. Ook in volstrekte duisternis kwamen zulke schilderijen tot stand met hetzelfde resultaat. Ofschoon Jozef Rulof reeds twintig boeken heeft laten verschijnen is er nog niemand in geslaagd hem op één tegenstrijdigheid te wijzen. Dat zal ook nimmer mogelijk zijn, want de boeken zijn door Kosmisch bewuste Meesters uit de Ruimte tot stand gekomen en zijn derhalve onfeilbaar.

Jozef Rulof heeft ook vele honderden lezingen en spreekbeurten gehouden. Op deze lezingen mocht iedereen in de zaal hem vragen stellen, mits zij geen betrekking hadden op de politiek, strikt medisch of technisch terrein. De antwoorden waren altijd onfeilbaar. Stelt u zich eens voor een dorpsjongen uit de Achterhoek die door dikwijls zeer geselecteerd publiek – waaronder mensen der Wetenschap – werd ondervraagd! Het is nimmer gebeurd dat Jozef Rulof geen of een foutief antwoord gaf. Artsen, Biologen, Filosofen, Sterrenkundigen, Rechters, Kunstenaars enz. kregen van deze dorpsjongen college! Natuurlijk was het niet Jozef Rulof zelf die antwoordde, maar een Meester van Gene Zijde die zich alleen van het lichaam van Jeus bediende. Wie Jozef Rulof ooit op zulk een bijeenkomst persoonlijk heeft meegemaakt, zal hem niet licht meer vergeten. Jeus was van middelmatige grootte, flink gebouwd en breed van borst en schouders. Onder een machtig denkervoorhoofd keken zijn diepliggende grijze ogen, doordringend en een beetje spottend de wereld in. Hij had een wilskrachtige mond met een onmiskenbare humoristische trek bij de mondhoeken. Jozef Rulof was een grote persoonlijkheid die een blijvende indruk bij alle mensen achterliet. Jeus is direct na de oorlog naar de Verenigde Staten gegaan. Hij heeft daar – zonder dat hij ooit Engelse les heeft gehad – in Carnegiehall in New York lezingen gehouden in het Engels! Amerika accepteerde hem echter niet, omdat Jeus de daar machthebbende leiders op Occult gebied ontmaskerde en voor Charlatans uitmaakte. Nu is het bekend, dat nergens zoveel bedrog op spiritistisch terrein wordt gepleegd als juist in Amerika. Jozef Rulof kwam teleurgesteld terug en ging hier verder met zijn machtige lezingen, waarvan de meeste op de Wirerecorder werden opgenomen. De lezingen van Jeus die gemiddeld zowat anderhalf uur duurden, werden voor de vuist weg uitgesproken, zonder dat van te voren iets op papier werd gezet!

Elke lezing was een parel op het gebied der Retorica. De zin van het werk der Meesters was om de mensheid de angst te ontnemen voor de dood en om ze aan te tonen, dat er geen eeuwige verdoemdheid bestaat. God was slechts Liefde. Natuurlijk haalde Jozef Rulof zich het ongenoegen van de kerken op zijn hals die zich in hun Dogma’s aangetast voelden. De Charlatans op Spiritistisch en Theosofisch terrein werden door Jozef Rulof ontmaskerd en ook van die kant werd hij tot doodsvijand uitgekreten. Het ene heilige huisje na het andere werd door deze Geestelijke Wetenschap omver geworpen en Jozef Rulof die gewild had dat alle Godsdiensten en alle Sekten één zouden worden, stond moederziel alleen tegenover een wereld van leugen, bedrog, vooroordeel en boekenwijsheid. Ook de geleerden wilden niets van hem aannemen. Ofschoon Jozef Rulof zelf de moed en het karakter had de geleerden uit te dagen voor een openlijk debat, lieten zij meesmuilend verstek gaan! Immers Jozef Rulof was toch maar een dorpsjongen uit de Achterhoek? Waarom zouden die geleerde Heren zich inlaten met iemand die geen titel voor zijn naam had? Als men in deze maatschappij niet liefst drie titels voor zijn naam heeft staan dan ,,betekent” men immers niets en telt men toch niet mee? Het is de grote tragedie van onze tijd, dat de mensheid geleerdheid verwart met wijsheid!! Hoe het zij, Jozef Rulof  heeft zeer vele aanhangers In Nederland en ook in andere landen en wat hij niet gedurende zijn leven heeft kunnen bewerkstelligen zal hij, na zijn heengaan in november 1952 tot stand brengen in de vorm van de ons achtergelaten leer en boeken. Dit is een machtig testament dat wij vanuit Gene Zijde hebben mogen ontvangen en waarin zowel de zin van ons leven als het ,,vanwaar waarheen” onfeilbaar wordt beantwoord. De kloof tussen stoffelijke en geestelijke wetenschappen is door het zuiverste Instrument van Gene Zijde – Jozef Rulof -- op waarlijk overweldigende wijze overbrugd.
 
Wayti.





Google Analytics Alternative