DE EEUW VAN CHRISTUS IS OOK VOOR DE KERK BEGONNEN! 
DE TWINTIGSTE EEUW IS EEN EEUW VAN BESLISSINGEN. 
Het is niet zonder redenen, dat het mensdom gedurende slechts enkele tientallen jaren voor een lawine van technische wonderen, uitvindingen en wel ook zeer revolutionaire gewaarwordingen op velerlei gebieden geplaatst werd en men kan gerust zeggen, dat deze ,,uitdaging'' van het menselijk verstand en gevoelsleven niet zonder een hogere bedoeling of wil is geschied. ..God overziet alles'', zei de ingewijde, zei JOZEF RULOF en de kerken zeggen dit net zo. Maar tussen deze Goden, de God van het theologische Hiernamaals en de God van de kosmisch bewuste, gaapt een afgrond, die nauwelijks te overbruggen valt. Wie is GOD eigenlijk? Wie of wat is dit raadselachtige wezen, waarvan haast geen mens mag zeggen, dat hij het weet, dat hij Hem ontmoet, gezien of beleefd heeft: dat hij de ,,Heere'' heeft aanschouwd, heeft mogen aanschouwen en voor zijn leven het grote wonder -- de zekerheid -- heeft mogen ontvangen? Met het jaar 1945 is de Eeuw van Christus begonnen. Voor de volgelingen van Jozef Rulof behoeft deze bewering geen nadere toelichting: zij weten, uit welke bron de boodschap komt. Wie ons serieus wil nemen, hoeft slechts zich met het werk van deze grote ziener te verbinden en hij vindt de verklaring voor onze stellingen. De Eeuw van Christus betekent de kruisweg voor deze wereld, waar de mens tussen twee dingen moet kiezen: of het goede volgen, dan wel te volharden in het kwaad. ,,U moet kleur bekennen, u moet kiezen! Zo ge het niet zelf kunt, wordt u er toe gedwongen. In deze Eeuw voltrekt zich dit en niemand, die aan die werking ontkomen kan'', aldus Jozef Rulof. Het is wel duidelijk. 

Je mag misschien van Jozef Rulof nog niets afweten, -- over een jaar of vijftig is hij de meest gelezen en bestudeerde ,,Godgeleerde'' van het moderne denkend bewustzijn, -- maar de wil van Onze Vader, Zijn machten en krachten geven ons allen toch een duidelijk beeld, een alarmerende waarschuwing tegen dat wat er bezig is zich op deze planeet te voltrekken. Micro en Macrokosmos vormen één geheel, een fantastisch berekend en uitgewogen radarwerk, waar mensenhanden, het onbewustzijn, van af moeten blijven. Wie desondanks denkt, met zijn eigen dwaasheden en voorstellingen tegen dat gigantische scheppingswonder in te kunnen gaan, zal zich vroeg of laat daartegen te pletter lopen en mag hij dan de rekeningen betalen, die Onze Lieve Heer hem zal moeten presenteren. En deze rekeningen zijn niet mals, geachte lezer, al is God en Vader van Liefde. Maar er zijn ook rechtvaardigheidswetten, die net zo Zijn persoonlijkheid uitmaken, als Zijn allesomvattende Liefde. Dus GOD is een persoon? Wij hebben ons God nooit als een persoon kunnen voorstellen. Nooit! Of -- Hij had een reus moeten zijn, een soort ,,Ubermensch'', een verschijning, waartegen je had moeten opzien, of je het wilde of niet, omdat Hij nu eenmaal een reus was, iets geweldigs, een soort van Zeus of Alvader, machtig van gestalte en groots, heel groots van gebaar, zoals een Michelangelo Hem heeft gezien en uitgebeeld. Maar wij konden ons nooit met deze mythologische denkbeelden en voorstellingen verenigen, zodra er REALITEITEN op het spel stonden. En GOD is wel de grootste van alle realiteiten. Met de leer van de persoonlijke God heeft de kerk haar allereerste fout in de Goddelijke wiskunde gepleegd. Zij heeft CHRISTUS niet begrepen. Zij geloofden niet in die goedheid en schoonheid van de Messias -- van de menselijke Messias -- omdat zij ook het wonder van het ,,menszijn'' niet heeft begrepen, de grootste, allerhoogste scheppingsdaad van God. De Kerk kon Christus slechts zien en aanvaarden als een Godheid, ja, als God zelf of de zoon van God en kon zij haar theologie de wereld insturen. Christus was en is inderdaad een Godheid -- een Zoon Gods -- maar zijn ,,prerogatieven'' hebben veel meer universele betekenis met betrekking tot het menszijn, dan tot Zijn koninklijke afstamming. Maar laat ik u even het beeld doorgeven zoals de ingewijde Christus heeft leren kennen en Hem als God en mens heeft leren aanvaarden: Wie is de Messias? Wie is Christus? Hij is het Heilige Kind Gods. Uit de zevende kosmische levensgraad, uit de sferen dus, kwam Hij naar de Aarde. Hij was en zal blijven de Eerst Geborene in de Goddelijke Ruimte! Op de Maan is Hij als Mens geboren. Hij begon daar als elk ander door God geschapen wezen Zijn Kringloop. Hij maakte alle stadia van leven door, leerde de bestaande stoffelijke en astrale wetten kennen, bouwde aan de sferen van licht, bereikte de ene kosmische graad na de andere en trad eindelijk het AL binnen, waardoor Hij zeggen kon: ,,Ik en Mijn Vader zijn één. 

Ook Christus heeft dus die lange weg moeten bewandelen en alle graden in de ruimte moeten beleven om het Goddelijk leven binnen te treden? Ja, ook Christus! God kon voor geen enkele ziel in de ruimte onderscheid maken. Als een Vader van Liefde, als een rechtvaardige God, kon Hij onmogelijk het ene kind boven het andere stellen en een astraal wezen scheppen, dat als Zijn enig volmaakte Zoon in de ruimte hoog boven Zijn andere schepselen zou tronen! Alleen door de lange weg van de Maan naar het Al af te leggen is Christus Goddelijk geworden en alleen daardoor is Hij God en mens tegelijk. De kerken hebben het wonderbaarlijke in Hem niet begrepen, zij hebben Hem voor ons onbereikbaar gemaakt. Hoe anders zien we Hem aan onze zijde. Wij leven in en door Hem, wij voelen ons door Hem gedragen, omdat wij weten, dat ook Hij onze weg heeft moeten afleggen om het Goddelijke leven in te kunnen gaan. Zijn adem is het, die ons het bewuste leven gaf. Zijn voelen en denken. Zijn beleven van de wetten verzekerden ons van het Goddelijke ingaan.'' Dit beeld van Christus ontvangt u in het boek ,,De Volkeren der Aarde van Gene Zijde bezien'' door Jozef Rulof. Het is een heel ander beeld van Christus dan de kerken u willen opdringen, een beeld, dat u veel en veel meer kan leren en beloven, dan het theologisch wassen beeld, dat slechts te bekijken en als u er van houdt, te aanbidden is. Neem toch de moeite en maak een studie van dat werk. Het zal u openbaringen schenken, die u nooit weer voor uw leven zult willen missen en die misschien beslissend zullen zijn, voor al uw toekomstige denken, voelen en handelen. Wat bij de eerste kennismaking misschien vreemd lijkt, als er van kosmische graden en sferen, van een geboorte op de Maan, kringloop enz. sprake is en dit beeld van Christus was slechts een korte schets uit het grote werk van Jozef Rulof - zal bij een verdere studie een heel vertrouwd iets voor u worden, een terminologie, die met haar schitterende begrippen en ongelofelijke feiten, u net zo zal boeien en geestelijk verrijken, zoals wij het mochten ondervinden, toen wij voor het eerst voor deze Goddelijke waarheden geplaatst werden. 

Want het zijn Goddelijke waarheden, geachte lezer, het zijn geen verzinselen of fantasieŰn maar WAARHEDEN, die door niets en niemand te weerleggen zijn en die zich -- luister goed! -- aan uw innerlijk leven zelf als waarheden gaan openbaren, als u zich ernstig voor dat wonder openstelt! Geen waarheid, of zij is een wet! Een universele WET, die onherroepelijk in werking komt, zodra de mens de waarheid raakt -- in een waarheid overgaat. Deze wettelijke reactie is Gods antwoord aan de mens en schenkt hem de wijsheid en het WETEN, waarna hij verlangend heeft uitgezien. Wie dus de waarheid ontmoet, hoeft niet meer te geloven -- zijn leven aan een blind geloof te verkopen -- maar hij weet het dan en wordt zich van haar wettelijkheid bewust. ,,Geloof is een ontkenning van de waarheid'', zegt de wijsgeer Krishnamurti, ,,geloof staat de waarheid in de weg: geloven in God is niet God vinden!'' Er is geen beter antwoord  aan de Kerken dan dit. Het is DE nekslag voor al dat theologische geklets, dat de miljoenen gelovigen niets anders aan te bieden heeft, dan een blind geloof in een Hiernamaals, waarvan zij zelf geen enkele wet kennen. Wij hebben een boek in handen gekregen, een nogal diklijvig boek van liefs vierhonderd bladzijden, dat zich met het zielenleven van de Christenen bezig houdt en het heeft over de ,,drie perioden van het inwendig leven als inleiding tot het leven des hemels''. De auteur -- een theologische autoriteit -- beschrijft dit werk als een samenvatting van een cursus in ascese en mystiek, gegeven aan de theologische faculteit van het Collegium Angelicum te Rome. U ziet, het is uit een nogal representatieve bron afkomstig en vertegenwoordigt dus het geestelijke gezag van een geloofsbelijdenis, dat rond vijfhonderd miljoen leden telt. Wij zullen het kort maken. In ,,het Woord vooraf'' zegt de schrijver: ,,Ons onderzoek gaat hier uit naar de normale weg tot de heiligheid of tot die volmaaktheid, waardoor we terstond na de dood de hemel kunnen binnengaan.'' De verdere 400 pagina's zullen wij u besparen. 

Het boek is vooral bestemd voor diegenen, die zich aan het apostolaat willen wijden, voor religieuzen en theologen ex professor en zal een leek bij het lezen onder de last van zijn nietigheid, verdorvenheid en zondigheid -- ondanks alle bovennatuurlijke vooruitzichten en genaden -- moeten bezwijken. Natuurlijk kun je al dat geschrijf en geprevel naast je neerleggen en het met Frederik de Grote houden, die eens zei: ,,in Meinem Staat kann jeder auf seine eigene Facon selig werden!'' Maar het wordt toch anders, als je even doordenkt. Het zijn niet slechts de vijfhonderd miljoen katholieke christenen, die met hel, vagevuur en eeuwige verdoemenis opgevoed worden, waardoor zij ,,terstond na de dood de hemel kunnen binnengaan.'' Het is de algehele kerkelijke christenheid, die haar leden door deze ,,academische onkunde'' over God en Zijn Schepping tot dwazen en geestelijk verwaarloosden maakt. ,,Moet God zo vertegenwoordigd worden? Moet de kerk verder gaan Gods kinderen inzake het leven na de dood te bedriegen? Onzin lanceren als Goddelijke waarheid? Ik zeg u: de kerk wordt in het schemerland -- (één der zeven hellen volgens de kosmologie van Jozef Rulof) -- vervloekt, omdat zij al deze zielen bewust heeft vermoord! De kerk heeft hen doodgeslagen en ongeschikt gemaakt voor onze wereld'', aldus Jozef Rulof. Er was een schilder die Jonas heette, ,,een groot mens met een kinderziel, een hoofd vol kreuken en een geweten zonder rimpel'', zoals het op zijn ,,bidprentje'' te lezen stond. En hij was een groot kunstenaar. Hij overleed in 1944 nadat hij de laatste tien jaren van zijn leven door vreselijke depressies werd gepijnigd. Zijn toestand werd toen zo ernstig, dat hij in een psychiatrische inrichting moest worden opgenomen. ,,Bij tijd en wijle leed hij onder een ontzettende angstpsychose'', zo herschrijft ,,Vrij Nederland'' van 7 jan. 1956 het geval Henri Jonas, ,, een angst voor het leven en voor het hiernamaals, een angst voor God en voor de duivel. Dan was er nog slechts één redding voor hem om zich uit deze bodemloze wanhoop omhoog te heffen: het gebed van de kunstenaar. Dit bidden deed hij met verf en penseel zodat hij in deze tijd vele malen de lijdende Christus heeft uitgebeeld. In de psychiatrische inrichting te Venray, bestuurd door de Broeders van Liefde (!), heeft de kunstenaar veel gewerkt. De schilderijen verdwenen echter, de ene na de andere. Men dwong de kunstenaar als arbeidstherapie te werken, onder bedreiging, dat men hem anders verf en penselen voorgoed zou afnemen: men speculeerde op zijn hartstocht als sigarenroker: ,,Wil je roken? Dan moet je eerst wat schilderen.'' Er zijn zeer zeker personen geweest, die, om in het bezit te komen van een schilderij, ernstig misbruik hebben gemaakt van de geestestoestand, waarin de kunstenaar verkeerde.'' -- Over Broeders van Liefde gesproken! Angst voor God en de duivel! Angst voor het Hiernamaals! Angst! Angst! Angst. 

En tenslotte de bezetenheid! nietwaar, zuster Jozefa Menendez? Jij mijn Bruid -- Ik je Bruidegom? Wij hebben u niet vergeten! Uw menselijk drama is ook het onze en zullen wij voor vechten -- tot wij ook daar zijn, waar gij nu eindelijk de vrede hebt gevonden en de ware ,,Bruidegom'' mocht aanschouwen. Maar uw smeekbede en dat van miljoenen zielen in het Hiernamaals, zal ons niet vergeefs geraakt hebben! Broeder Jonas hoort ook bij die slachtoffers, bij die sensitieve kinderzielen, die zo gemakkelijk een prooi werden van deze ongezonde en onware mystiek en Godsbeschouwing der kerken. Wij zeggen u, GOD is geen persoon! Deze gedachte is menselijk onbewust. God verdoemt niet en de duivel bestaat slechts bij gratie van uw theoloog. Een geloofsbelijdenis, die steunt op de vrees voor Onze Lieve Heer, deugt niet! Een geloofsbelijdenis, die de mensen tot dwazen en geestelijke zwakkelingen maakt, heeft met God en Christus niets uit te staan! Een geloofsbelijdenis, die ondanks zijn miljoenen volgelingen, deze wereld geen vrede, geen harmonie, geen eenheid kan schenken, bewijst daarmee slechts, dat het in geen enkel opzicht de WAARHEID -- of de Kerk van Christus vertegenwoordigt! Een idee of overtuiging heeft slechts waarde, als zij tenminste een deel van de universele waarheid uitmaakt. Zij vertegenwoordigt dan een Wet, is dus ruimtelijk bezield en trekt de mensen op in een hogere bewustwording. Je wordt er niet gek van, maar geestelijk gezond en vastberaden. De Wereld staat aan een kruisweg, schreven wij. De Eeuw van Christus eist van het mensdom een beslissing te nemen. Dit geldt ook -- en vooral voor de kerken. ,,De Eeuw van Christus is ook voor de kerk begonnen, zegt Jozef Rulof en zij zal de kerk het Goddelijk halt toeroepen!'' GOD IS GEEN PERSOON, neen! Het zou Zijn Altegenwoordigheid weer tot een mysterie maken en wij wensen nu eenmaal geen mysteriŰn, inplaats van waarheden te aanvaarden. Wij zijn geen Jehova mensen en wij zijn ook geen spiritisten, geachte lezer, maar WIJ ZIJN REALISTEN! Wij zijn door JOZEF RULOF in de REALITEITEN -- en niet in de mysteriŰn -- van het HIERNAMAALS ingewijd -- ja, ingewijd! En dit is dan het verschil, waarde theoloog. 
B. van Baden. 








Google Analytics Alternative