OVER JUDAS. 
Gene Zijde zegt u met klem: Judas pleegde geen vuige daad tegen zijn Goddelijke Meester. Hij wilde Christus slechts tot grote daden aansporen. Hij zou de hogepriesters eens laten zien, wat zijn Rabbi wel kon. Hij twijfelde er niet aan, Judas, dat zijn Meester de Messias was. Wat al wonderen had zijn Meester reeds verricht. Maar het was Judas niet voldoende, Christus zou nog grotere wonderen kunnen volbrengen. En wat zou die verwaten (met ijdele hoogmoet) joodse hogepriesters en al Christus andere vijanden willen beginnen als zijn Rabbi tot die grote daden kwam? Vernietigen, verpletteren kan Hij hen en hun daardoor Zijn grootheid en goddelijkheid bewijzen. O, hij aanbad zijn Meester, het verdroot hem alleen maar, dat Deze niet tegen Zijn kleine, miezerige belagers optrad. Christus stoorde Zich niet aan Judas. Goddelijk bewust als Hij was, kende Hij Zijn weg. Deze les kreeg Judas te leren. Hij had zijn Meester in alles moeten aanvaarden, moeten afwachten. Judas stelde eisen aan Christus - en welke mens mag eisen stellen? Christus kon niet terwille van Judas van Zijn plannen afwijken, maar dat begreep Judas niet.

En toen wilde hij zijn Goddelijke Meester dwingen. Hij daagde Christus en de hogepriesters uit, bracht de soldaten in de Hof van Gethsemané en wachtte op het wonder dat zich zou voltrekken. Een menigte gevoelens bestormde hem in dit geweldige ogenblik, er was spanning in hem, trots om zijn Goddelijke Meester, een grenzeloze liefde, maar toch ook angst dat de dingen een Andere, verkeerde wending zouden nemen. Zou zijn Meester nu de wonderen verrichten, waarna hij, Judas, al zolang uitkeek? Zou Hij...? Maar als Hij ze niet deed en de soldaten Hem... Maar natuurlijk sloeg zijn Meester hen wel met Zijn wonderlijke krachten! Veel speelde zich af in het binnenste van Judas. En toen moest hij ervaren dat Christus Zich als een lam overgaf! Geen wondertekens geen grote, verpletterende handelingen. Christus liet zich rustig door het krijgsvolk wegvoeren. Verward, niet begrijpend, staarde Judas hen na. Fel trof hem de verachting uit de ogen van zijn mede apostelen. Judas wereld stortte in, er kwam ontzetting in hem om wat hij deed, wroeging, het brandde in zijn binnenste met vreselijke pijnen. Terwijl hij geen rustig uur meer kende en in uiterste wanhoop rondzwierf, voltrok het drama zich snel.
Jozef Rulof.
 


Free Hit Counter




Google Analytics Alternative