DE MEESTERS OVER DE DOODSTRAF. 
Het woord dat u heden wordt geschonken komt regelrecht van Golgotha tot u, het is niet van uw wereld. Als ik u deze wetten in hun volle diepte wil verklaren, heb ik vele uren nodig. Waar het hier om gaat kan u echter nu reeds duidelijk zijn: Elke oorlog is door zijn volken zelf gewild. Het waarachtige Christuskind ging liever de leeuwenkuil in dan Hem en Zijn geboden te verloochenen. Het zou de brandstapel verkiezen boven het zwaard, want het is niet mogelijk in de rechterhand het kruis te dragen en in de linker het zwaard. Zulks is bewuste afbraak, de bezoedeling van Hem en zichzelf, het betreden van een hellesfeer. Wat willen zij met het leven van Christus beginnen? Hoe willen zij hun denken en handelen verantwoorden als zij voor het Goddelijk licht staan? Geen ziel op uw wereld is zonder schuld. Een ieder die streng en bewust over zichzelf durft oordelen, kan dit gemakkelijk vaststellen. Wie kan van zichzelf getuigen dat hij de liefde beoefent, gelijk God en Christus dit voorschrijven? Wie van u is volkomen vrij van leugen en bedrog, haat of hartstocht? Wie kan zijn naaste, vooral hem die hem kwaad deed, zeven maal zeventig maal vergeven en hem dienen? Wij, die in het leven na de dood een hemel ons bezit kunnen noemen, konden deze betreden alleen doordat wij onze verkeerde eigenschappen overwonnen en in goede konden omzetten. Wij bogen ons hoofd voor Golgotha en aanvaardden Christus leven. Wij braken onszelf duizend en meer malen af, in de wetenschap dat zo alleen een nieuwe, reine, geestelijke persoonlijkheid uit ons kon opgroeien. Wij zetten onszelf zonder voorbehoud in voor onze onbewuste zusters en broeders en hielpen hen aan liefde, kracht en wijsheid winnen. Zo groeiden wij zelf, we werden dienend, gevend, wetend, er kwam licht en ruimte in ons, we straalden door onze eigenschappen en betraden tenslotte een hemel.

Voelt gij waarom ik u dit alles meedeel? Omdat ge nu kunt weten, hoever ge ook zelf nog van de geestelijke persoonlijkheid afstaat. En ook kunt ge erdoor weten, hoe gij, die u thans bezeerd voelt door uw onbewuste landgenoten en ,,recht gesproken'' wilt zien, jegens hen te handelen hebt. Gij noemt hen landverraders, omdat zij met uw vijanden heulden, maar hoe handelt gij zelf? Gelooft gij waarlijk één ogenblik dat gij op uw beurt met een onchristelijke handelswijze, dag in dag uit, de geestelijke bewustwording van uw land en uw volk dient? Zijt gij er u van bewust dat gij uw God en Christus verraadt, schier ieder uur dat ge leeft en wel door Hun heilige wetten te overtreden en daardoor de harmonie in de kosmos te verstoren? Denkt u hier eens terdege over na en laat de ernst van dit woord diep op u inwerken, het kan beslissend zijn voor uw leven op Aarde en het leven hierna!  Bezield en gestuwd door de myriaden zielen die de hemelen bevolken, die u beminnen met de volheid van hun geestelijk en ruimtelijk ik, spreek ik thans duidelijke taal. Onbewust van uw tekortkomingen, onbewust van het feit dat ge, door tegen de Goddelijke wetten te handelen, zelf voor uw ellende verantwoordelijk bent, spreekt gij uw vervloeking uit over hen die in uw oorlog tekortschoten. Uw maatschappij schreeuwt om hun veroordeling, hun misdaden worden in felle kleuren geschilderd, ja, droevig velen eisen de dood van de schuldigste onder hen en worden dan geleid door een onverzoenlijke haat, die huiveringwekkend, die dierlijk is. Zij vergeten echter hun eigen tekortkomingen jegens God en Christus, hun maatschappij en hun naaste. Zij vergeten dat zij zelf de ene fout na de andere maken. Zij vergeten dat zij zelf in hun beste ogenblikken hun God om vergeving smeken. Zij, die jegens hun onbewuste naasten evenwel niet eerst het vergevende woord kunnen spreken. En niet alleen vragen zij God om erbarmen, maar zij bidden Hem tevens hun de tijd en de gelegenheid te schenken hun fouten goed te maken, dezelfde gelovige lieden, die thans het recht eisen en nemen om op hun schuldige medemensen de doodstraf toe te passen. Wat is dit voor bewustzijn?

Dit is alles onredelijk en leugenachtig, hij, die zo denkt en handelt, huichelt, hij hoont zijn kerk en beledigt zijn Goddelijke Schepper. Wie kan dit tegenspreken? Kinderen van de kerken haten, zij durven de vernietiging van hun zondige naasten te gelasten, zelfs gaan zij in hun hoon zover, dat ze intussen onbezwaard hun gebeden tot God opzenden. Zij en hun overheid spreken het doodvonnis uit in naam van God en het recht, alsof God zich door hen vertegenwoordigd wil zien. Zou een moeder één van haar kinderen bewust kunnen vernietigen? Is een vader in staat zijn kwade en onbewuste kind te martelen, zolang tot de ziel zich van het stoflichaam moet losmaken? Hoe zou een God dit dan kunnen doen, God, Wiens liefde onnoembaar groter is dan die van een aardse vader en moeder? Welk een geloof, welk een bewustzijn spreekt er uit hem, die waarlijk van mening is dat God een aards gezag nodig heeft om Zijn schuldige kinderen te vernietigen? De waarheid is dat God met al hun handelingen niets heeft uit te staan en in Zijn onmetelijke liefde elk Zijner kinderen de mogelijkheid biedt zich de geestelijke levensgraad eigen te maken. Beter dan op Aarde, weten wij, die vrij van de stof door Gods liefde de wetten van Zijn schepping leerden kennen en eigen maakten, hoe uw onbewusten handelen. Wij zagen hen gaan en we hadden hun kunnen toeroepen: Volg de satanische mentaliteit van het hakenkruis niet. Daar is een ander kruis, dat van Golgotha af uw weten wil verlichten. Wend u af van verraad en geweld, want ge voert uzelf naar duistere hellen en moet eeuwen van strijd en ellende doorleven om u daarvan los te maken. Ge besmet uzelf, uw vrouw en kind met de heidense theorieŰn van uw ,,kameraden'' en ge zult u daardoor uit uw maatschappij stoten. We hadden hun dit kunnen toeroepen, maar wij, die er zelf eens voor stonden onze eigenschappen op een hemel af te stemmen, weten, dat een mens niet beter kan handelen dan zijn levensgraad toestaat. Het zou ons dus niet geholpen hebben hen te wijzen op hun domme, onverantwoordelijke manier van doen, op hun vreselijk falen. Maar juist nu wij, beter dan gij, de draagwijdte van hun schuld kennen, dringen wij er met des te meer klem op aan, dat uw volk hun de kans geeft hun fouten te boeten en hun innerlijke te vergeestelijken.

Voorzeker is hun mentaliteit verknoeid, zijn hun leerstellingen giftig, hierdoor en door de daden die zij verrichten, zijn zij een gevaar voor een gezonde, op liefde en op dienen gerichte samenleving. Laat ze u dienen, maak van hun leven werking, laat ze trachten goed te maken wat ze misdeden, maar snijd hun levens niet af, ge vergrijpt u daardoor aan de Goddelijke wetten en beneemt hun voor dit leven de kans hun inzichten te wijzigen en een ander hoger bestaan op te bouwen, de kans, die gij zelf u God dagelijks afbidt! Hen doden is een laffe, goedkope oplossing, een vurig christenkind onwaardig. Een waarachtig volgeling van Christus zet alles van zichzelf in om een onbewuste ziel naar een hoger, geestelijk stadium op te trekken. Hij vergeeft zeven maal zevenhonderd maal als het moet, hij bezielt het domme gevoelsleven en tracht het onverpoosd met liefde, geduld en begrip op de gemaakte fouten te wijzen. De waarachtige christen is altijd en in elke situatie een apostel, die gelijk zijn Goddelijke Meester de zondaars opzoekt om hen door woord en voorbeeld voor de Alvader te redden. Hij stelt de liefde boven het geweld, gelijk zijn Meester, die op Golgotha daarvan het treffende bewijs gaf. Dit alles is geen wartaal, het is geestelijke en kosmische realiteit, die door elke gelovige, van welke kerk dan ook, kan worden onderkend! Miljoenen onder u bidden iedere dag: Vader vergeef ons onze schulden, zoals ook wij vergeven onze schuldenaren. Het was een makkelijke belofte, zolang uw schuldenaren hun schuld niet groot maakten. Thans echter, nu hun schuld aan u afschuwelijk groot is, hebt ge eerst goed de kans uw woord waar te maken of prevelde u het slechts gedachteloos zonder de vergaande consequenties ervan te beseffen? De onbewusten onder uw volk brachten leed en ellende over u, al kunt ge thans weten, dat gij het zelf was. De Goddelijke wetten zijn zo rechtvaardig, dat u geen haar op uw hoofd was gekrenkt als u vrij van schuld zou zijn geweest. Toch gelooft ge dat ge thans het recht bezit die onbewusten voor hun daden met de dood te straffen? Gij, kleinzieligen, hoe weinig beseft ge wat u te doen staat! Er zijn zielen in uw midden teruggekeerd, die door de brute heidenen stoffelijk en geestelijk zijn mismaakt, die door hun beulen zijn afgeranseld en gemarteld, die als een Christus aan de muur zijn geslagen en die desondanks zijn teruggekeerd met een hart vol liefde en nog konden zeggen: ,,Wat was God goed voor ons, wij behoren nog tot de levenden! Wij hebben het leed in heel zijn verschrikking leren kennen en toch zijn wij er dankbaar voor.

Door pijn en smart zijn wij tot nadenken en tot bezinning gekomen, zodat wij rijker en bewuster werden. Wij wonnen aan waarden, die wij tot nog toe onbestaanbaar achtten, door hen die ons sloegen. Wij kunnen hun vergeven, ook al, omdat wij aan hun fouten de onze konden afmeten. Pas nu durven wij de Calvarieberg te betreden en opzien naar het kruis. Want we dienden het leven van God en wij hebben lief wat Hij schiep. We leggen er bloemen neer, die we meebrachten uit de hel van de concentratiekampen, alwaar ze tot verdichting kwamen door in onze handelingen, gevoelens en gedachten de liefde van Christus te laten stralen!'' Zie, zo spreekt de mens, die zich te midden van het dierlijke geweld heeft losgemaakt van haat en leugen en nu de liefde stelt tegenover hardheid. Hoe moet het kerkse kind zich voelen tegenover deze grote, edele karakters, terwijl het -- al biddend -- met stenen gooit naar zijn broeders? Geen volk, geen mens heeft het recht te doden, zegt Christus en Hij bewees door Zijn leven en Zijn kruisdood, hoezeer Hij Zelf achter dit gebod stond. Wij, die zijn ware, diepe persoonlijkheid leerden kennen en liefhebben, herhalen Zijn woord. Niet slechts om hen die door uw onbewuste ik dreigen gedood te worden, maar vooral ook om hen die de straf zullen uitspreken en haar moeten uitvoeren. Want weet, dat de mens die bewust om welk motief dan ook een ander zielenleven ombrengt, zichzelf in de eerste plaats vernietigt. Hij schept een wet die hem zal dwingen die vreselijke daad goed te maken, omdat God als een Vader van liefde en rechtvaardigheid niet kan toestaan dat het door Hem geschapen leven wordt gedood. Hij laat zich door geen mens, in welke kwaliteit dan ook, Zijn rechten uit handen nemen. Laten derhalve de rechter en hij die het vonnis uitvoert, goed bedenken dat zij zichzelf volgens de Goddelijke wetten tot moordenaars maken! Uw Nederlandse volk vertegenwoordigt onder de overige landen de hoogste op Aarde levende gevoelsafstemming.

Nog heeft het echter de geestelijke levensgraad niet bereikt, wat voor een ieder van u duidelijk kan zijn. Gij zijt echter als massa op de weg die u tot het levenslicht van Christus kan voeren. Gij bezit en vorstin die aan de geestelijke herbewapening begon met hen die, als zij, voor Golgotha willen strijden en dienen. Uw volk mag derhalve de doodstraf niet toepassen, anders voert ge uw persoonlijkheid naar omlaag    en begeeft u zich in de duisternis, ver van Golgotha's licht. Juist gij moet de overige volken voorgaan en in uw land die doodstraf opheffen, wat niet zal nalaten een ontzaglijke indruk te maken. Dan toont gij u pionier, wegbereider van het Koninkrijk Gods waarover Christus sprak en waarin voor haat, verkeerd begrepen recht en vernietiging geen plaats is. Gij persoonlijk, uw vorstin, uw regeerders en uw rechters staan voor een zware, maar machtige beslissing. Heel de ruimte ziet toe hoe gij handelen zult, of ge de liefde of het geweld, Christus of de duivel, zult kiezen. Bezin u op de waarden die ge u reeds eigen maakte. Geef andere volken het lichtende voorbeeld, zoals Christus het eens deed tegen alle geweld, hoon en verdachtmaking in. Kniel met uw vorstin op Golgotha neer en dank God voor de genade dat ge nog tot de levenden behoort, dank Hem dat ge het heidendom en de bruutheid van het onbewuste kind hebt mogen ondergaan, want daardoor ontving u levenswijsheid, kracht, moed en ruimtelijk bewustzijn -- de eigenschappen, die gij voor uw hemeltocht van node hebt -- en doe van dit gezegende gevoel uit goed aan hen die u sloegen. Christus zou nimmer het doodvonnis over hen uitspreken. Durft gij het dan wel?????
Meesters van Gene Zijde.







Google Analytics Alternative